Religie in de arbeidsverhouding

Religie in de arbeidsverhouding
  • 9789490962197
  • Arbeidsrecht
  • Preadvies voor de vergadering van de Christen Juristen Vereniging op 13 mei 2011
  • Prof. mr. dr. W.A. Zondag
  • 70
  • 10-05-2011
  • € 19,50

Beschrijving

Een multiculturele samenleving geeft aanleiding voor levendige debatten over de reikwijdte van de godsdienstvrijheid in de maatschappij. In het onderhavige preadvies wordt het vraagstuk toegespitst op de arbeidsverhouding. Welke rechten kan een ‘religieuze werknemer’ ten aanzien van zijn werkgever claimen? Heeft een moslima – ondanks andersluidende voorschriften bij de werkgever - het recht op het dragen van een hoofddoek op het werk? Is er een recht op ‘vrijaf’ om een niet-christelijke feestdag bij te wonen? En kan een christenwerknemer een verzoek om op zondag te werken weigeren? Ook de rechtspositie van de religieuze werkgever, zoals een kerkgenootschap of een school op levensbeschouwelijke grondslag, wordt aan de orde gesteld. Onderdeel van de bespreking is de vraag in hoeverre een ‘religieuze werkgever’ mag overgaan tot ontslag van een werknemer die in de privésfeer niet (meer) overeenkomstig de ‘principes’ van de werkgever handelt. Welk grondrecht – het aan de werkgever toekomende recht op de vrijheid van godsdienst of het recht op privéleven van de werknemer – heeft dan voorrang? Voornoemde vragen worden op systematische wijze besproken. Het preadvies wordt afgesloten met een serie (prikkelende) stellingen.


Over de auteur

Prof mr. dr. W.A. (Wijnand)  Zondag is als hoogleraar arbeidsrecht verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.


Inhoud

Inleiding / 7

1 De rechtspositie van de religieuze werknemer / 9

1.1 Werken op dagen met een religieus karakter / 9

1.1.1 Rustdagen / 9

1.1.2 Feestdagen / 14

1.2 Gelijke behandeling op grond van godsdienst en levensovertuiging / 18

1.2.1 Van 1907 naar de AWGB / 18

1.2.2 De begrippen ‘godsdienst’ en ‘levensovertuiging’? / 18

1.2.3 Hoofddoekjes en ‘handen schudden’: wanneer zijn gedragsregels objectief

gerechtvaardigd? / 20

1.2.4 Intermezzo: een vergelijking met het recht op privéleven / 26

1.2.5 Een bijzonder geval van botsende grondrechten: de gewetensbezwaarde trouwambtenaar / 27


2 De rechtspositie van de religieuze werkgever / 31

2.1 Inleiding / 31

2.2 Geen nieuws onder de zon: de Wet op de arbeidsovereenkomst

1907 / 32

2.3 Enkele uitzonderingen in de wet- en regelgeving nader bezien / 33

2.3.1 De Kaderrichtlijn en de Algemene wet gelijke behandeling / 33

2.3.2 Een uitzonderingspositie ten aanzien van het ontslagrecht: het Buitengewoon

Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 / 39

2.4 De identiteitsgebonden werkgever als drager van grondrechten / 42

2.4.1 Uitsluiten van het arbeidsrecht: de overeenkomst sui generis? / 42

2.4.2 Het concept ‘tendensinstelling’ als vervangende waterkering / 45

2.4.3 Obst en Schüth: een botsing tussen de vrijheid en godsdienst en het

recht op privéleven in de recente rechtspraak van het EHRM / 48

2.4.4 Bestaat de kleurloze werkgever wel? / 52

2.5 Interne materieelrechtelijke regels in kerkgenootschappen: aanstelling,

arbeidsvoorwaarden en ontslag / 53

2.6 Interne geschillenprocedures / 55

2.6.1 Bijzondere scholen / 55

2.6.2 Kerkgenootschappen / 57


3 Conclusies (in de vorm van 22 stellingen) / 61


Overzicht van de referaten/preadviezen voor de cjv / 67