Beschrijving
Dit boek is het derde deel van een drieluik, waarin alle facetten van de individuele arbeidsverhouding worden behandeld. Het derde en laatste deel heeft betrekking op het ontslagrecht. Aanbod komen: de beëindiging met wederzijds goedvinden, van rechtswege, door opzegging. Het algemene opzegverbod, bijzondere opzeg-/beëindigingverboden; de noodzakelijk toestemming van de kantonrechter; de beëindiging door onverwijlde opzegging wegens dringende reden, het ontslag op staande voet; kennelijk onredelijk ontslag; ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter; het getuigschrift.
In dit derde deel wordt veel aandacht geschonken aan parlementaire stukken, literatuur en jurisprudentie, zodat deze uitgave naast een leerboek ook een nuttig naslagwerk is voor de praktijk. Om de toegankelijkheid van de uitgave te vergroten is een fijnmazige hoofdstukindeling gehanteerd, zodat een bepaald onderwerp snel is terug te vinden. Voor zover dit nuttig is, wordt bij de onderwerpsgewijze behandeling verwezen naar andere onderdelen van het boek en het eerste en tweede deel. Ook is geprobeerd de leesbaarheid optimaal te doen zijn.
Bij de derde druk:
Na het verschijnen van de tweede druk in 2009 is op het terrein van de wetgeving eigenlijk alleen de mogelijkheid om te kunnen afwijken van het in het Ontslagbesluit neergelegde afspiegelings- of evenredigheidsbeginsel tijdelijk verruimd omwille
van het behoud van vakkrachten en met het oog op behoud van werkgelegenheid
op langere termijn. Bij deze nieuwe druk is uit de rechtspraak wederom een ruime
selectie gemaakt en deze is verwerkt in de tekst. Ook is de literatuur geactualiseerd.
Bij de totstandkoming van de eerste en tweede druk van dit boek is Wil Fase nauw
betrokken geweest en is zijn invloed op het uiteindelijke resultaat onmiskenbaar.
Wil heeft aan deze nieuwe druk niet meer meegewerkt. Als blijk van grote waardering
voor het werk van Wil op het terrein van het (individuele) arbeidsrecht, is
besloten om zijn naam onlosmakelijk aan deze uitgave verbonden te laten zijn.
Over de auteur(s)
Mr. dr. J. van Drongelen is universitair hoofddocent bij de vakgroep Sociaal recht en Sociale politiek Universiteit van Tilburg
Prof. mr. W.J.P.M. Fase: emeritus hoogleraar Sociaal Recht en Sociale Politiek Universiteit van Tilburg.
Mr. P.J.S. de Jong-van den Bogaard: werkzaam bij de directie wetgeving van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Mr. dr. S.F.H. Jellinghaus: advocaat en nmi mediator bij De Voort Hermes De Bont te Tilburg en universitair docent Sociaal Recht en Sociale Politiek en sportrecht Universiteit van Tilburg.
Inhoudsopgave
Voorwoord
1 Inleiding
2 De beëindiging met wederzijds goedvinden
3 De beëindiging van rechtswege
4 Beëindiging door opzegging
5 Het algemene opzegverbod
6 De bijzondere opzeg-/beëindigingsverboden
7 De noodzakelijke toestemming van de kantonrechter
8 De beëindiging door onverwijlde opzegging wegens dringende reden,
het ontslag op staande voet
9 Kennelijk onredelijk ontslag
10 De ontbinding van de arbeidsovereenkomst
11 Het getuigschrift
Bijlage 1 Art. 7:671 (oud) en 7:672 (oud) Burgerlijk Wetboek
Rechtspraakoverzicht
Literatuuroverzicht