Beschrijving
Dit boek is het derde deel van een drieluik, waarin alle facetten van de individuele arbeidsverhouding worden behandeld. Het derde en laatste deel heeft betrekking op het ontslagrecht. Aanbod komen : de beëindiging met wederzijds goedvinden, van rechtswege, door opzegging. Het algemene opzegverbod, bijzondere opzeg-/beëindigingverboden; de noodzakelijk toestemming van de kantonrechter; de beëindiging door onverwijlde opzegging wegens dringende reden, het ontslag op staande voet; kennelijk onredelijk ontslag; ontbinding van de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter; het getuigschrift.
In dit derde deel wordt veel aandacht geschonken aan parlementaire stukken, literatuur en jurisprudentie, zodat deze uitgave naast een leerboek ook een nuttig naslagwerk is voor de praktijk. Om de toegankelijkheid van de uitgave te vergroten is een fijnmazige hoofdstukindeling gehanteerd, zodat een bepaald onderwerp snel is terug te vinden. Voor zover dit nuttig is, wordt bij de onderwerpsgewijze behandeling verwezen naar andere onderdelen van het boek en het eerste en tweede deel. Ook is geprobeerd de leesbaarheid optimaal te doen zijn.
Bij de tweede druk:
Na het verschijnen van de eerste druk in 2007 is de wetgeving op het terrein van het beëindigen van de arbeidsverhouding op een aantal onderdelen gewijzigd. Zo is met ingang van 1 januari 2009 de CWI samengevoegd met het UWV waarna de ‘CWI’-activiteiten zijn voortgezet door het UWV (Werkbedrijf). Dat heeft gevolgen voor bijvoorbeeld het BBA 1945 en de WMCO. Ook is het meldingsproces van een werknemer bij de ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid en de sanctie voor de werkgever bij niet naleving van zijn verplichtingen in dit proces gewijzigd. De Kring van Kantonrechters heeft de zogenoemde ‘kantonrechtersformule’ gewijzigd met ingang van 1 januari 2009. Ook heeft de rechtspraak op dit arbeidsrechtelijke onderdeel niet stilgestaan. Uit de stroom van rechtspraak is wel een selectie gemaakt die is verwerkt in deze druk. Tot slot is de literatuur geactualiseerd en is een aantal schema´s opgenomen.
Over de auteur(s)
Mr. dr. J. van Drongelen is universitair hoofddocent bij de vakgroep Sociaal recht en Sociale politiek Universiteit van Tilburg
Prof. mr. W.J.P.M. Fase: emeritus hoogleraar Sociaal Recht en Sociale Politiek Universiteit van Tilburg.
Mr. P.J.S. van den Bogaard: werkzaam bij de directie wetgeving van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
Mr. dr. S.F.H. Jellinghaus: advocaat en nmi mediator bij De Voort Hermes De Bont te Tilburg en universitair docent Sociaal Recht en Sociale Politiek en sportrecht Universiteit van Tilburg.